instagram arrow-down

Lenneke Verhaar
lenneke@travelandtours.nl
06-29554866

— Reisblog Namibië —

.

We zijn een groot fan van Zuid-Afrika, dol op wild spotten en zijn daarom ontzettend nieuwsgierig naar één van onze andere bucketlist landen in Afrika; Namibië.


Als een van de minst dichtbevolkte landen ter wereld is de prachtige natuur van Namibië ongerept gebleven. Van de eindeloze zandvlaktes in de westelijke Sossusvlei, het dramatische landschap in Damaraland, de groene Caprivistrook in het noorden tot de bush en wilde dieren in het natuurpark Etosha. Namibië grenst in het zuiden aan Zuid-Afrika, in het noorden aan Angola en in het westen aan Botswana. In het uiterste noordwestelijk puntje grenst het zelfs ook aan Zimbabwe en Zambia.

WINDHOEK

We vliegen ‘s nachts rechtstreeks naar Windhoek met slechts een korte tussenstop van een uur in Luanda, Angola. Na aankomst halen we onze 4×4 huurauto op waarbij we voor vertrek een extra reserveband hebben aangevraagd. Want op de eindeloze wegen van Namibië kom je zomaar uren niemand tegen en je moet er niet aan denken dat je 2 x achter elkaar een lekke band krijgt en midden in de woestijn strandt met hongerige leeuwen om de hoek.

We verlaten de luchthaven en moeten even wennen aan het links rijden, maar al gauw zijn we op weg en zien we de eerste dieren. Een groep bavianen speelt stoer op de weg waarbij ze zo nu en dan nonchalant oversteken en wrattenzwijnen eten de berm kaal.

De route die wij gaan volgen is misschien niet de meest logische, maar als reisadviseur wil ik graag zo veel mogelijk zien van het land én hebben we te maken met beschikbaarheid van de accommodaties wat nogal eens schaars kan zijn in Namibië.

Onze eerste stop is een lodge op 3 uur rijden van Windhoek, in de buurt van het Waterberg Plateau. Veel tijd hebben we hier niet want we blijven maar een nacht op weg naar Etosha National Park. We gaan vroeg naar bed want we zijn nog moe van de nachtvlucht. Maar wat wel heel fijn is, er is geen tijdsverschil dus geen last van jetlag.

ETOSHA NATIONAL PARK

Na een heerlijk ontbijt starten we rustig op en gaan we richting Etosha National Park. 

We verblijven twee nachten in een lodge buiten Etosha NP en een nacht in het park zelf. Na aankomst in de eerste lodge hebben we een heerlijk diner, wordt er voor ons gezongen door het personeel (dat zullen we nog een aantal keer meemaken, Namibiërs houden erg van dans en muziek) en ‘s avonds zitten we heerlijk op ons eigen terrasje bij de ingerichte tent.

De volgende ochtend staan we heel vroeg op en rijden we naar de ingang van Etosha NP, waar we zelf op zoek gaan naar wild. Dit is direct het grote verschil met Zuid-Afrika. Er zijn geen lodges direct in het park waarbij je voor of na zonsondergang  game-drives kunt maken met een ranger. Er zijn wel een aantal staats accommodaties in het park die waterholes hebben, hierover later meer. 

Etosha is het grootste nationale park van Namibië, ruim 20.000 vierkante kilometer. Etosha wil zeggen ‘land van droog water’ of ‘grote witte plaats’ en is een gigantische zoutvlakte, omgeven door bushgebied. In het regenseizoen staan delen van de zoutvlakte tijdelijk onder water, maar tijdens onze reis, het droge seizoen, verzamelen de dieren zich rond de vele pans of waterholes (veelal door de mens gemaakt) om te drinken. Ideaal dus om wild te spotten. 

Na het afhalen van de permit rijden we het park binnen richting het westen. Etosha is perfect om zelf te ontdekken, de gravelwegen zijn (meestal) in prima staat, en met koekjes en water, fototoestellen en verrekijkers in de auto rijden we van drinkplaats naar drinkplaats. Wel ontdekken we al snel dat je hier op jezelf bent aangewezen. Uren en uren komen we niemand tegen en het is er ontzettend droog, dor en stoffig. Soms zien we een paar auto’s stil staan en dan weet je dat daar iets te zien is. We spotten oryxen, olifanten, springbokken, wildebeesten, kudus, massa’s bergzebra’s (wit met zwart gestreept) en steppezebra’s (wit met bruin en zwart gestreept), struisvogels, giraffen, hartebeesten, jakhalzen en een aantal leeuwen.

We verblijven dus ook een nacht in het park zelf. Van de drie staats accommodaties ligt Halali in het midden. Het is een niet heel aantrekkelijke lodge maar de locatie is perfect. Er is een waterplaats waar je voor of na zonsondergang kunt zitten om te kijken welke bezoekers er komen. Ons geduld werd beloond, we zagen neushoorns met kleintjes, giraffen, jakhalzen, olifanten en een prachtige zonsondergang.

OKAVANGO RIVIER & CAPRIVI STROOK

De afstanden zijn enorm in Namibië dus na Etosha overnachten we een nacht in de buurt van Uris voordat we naar het noorden rijden. Triest detail is dat de lodge waar we verbleven afgebrand is. Ze waren nog wel operationeel, dus we hadden een bed en wat te eten maar het zag er heel erg verlaten, triest en verbrand uit. Dus de volgende ochtend vroeg weer weg en we rijden via een van de weinige geasfalteerde wegen naar het noorden. Doel is een aantal nachten verblijf aan de Okavango Rivier.

De weg naar Rundu, de een na grootste stad van Namibië, is indrukwekkend.

Mensen leven hier naast de weg in zogenaamde villages. Dit zijn afgezette stukjes grond waarbinnen een familie leeft, van grootouders tot broer, zus, kinderen en de dieren. De afzetting is gemaakt van takken en de huisje van riet of golfplaten met een deurtje erin. Er is geen stromend water en de lege emmers hangen aan de takken rondom het huis, wachtend om bij de publieke waterpomp weer gevuld te worden. Kinderen lopen in schooluniform maar op blote voeten langs de weg om naar school te gaan. Zo nu en dan steken koeien en geiten de weg over op hun dooie gemakje. Dat kan ook want ook hier is er heel weinig verkeer. We komen aan in Rundu en hier proef, ruik en ervaar je het echte Afrikaanse bestaan. Het lokale leven speelt zich af langs de kant van de weg en op marktjes. 

We overnachten in een lodge met een prachtig uitzicht over de Kavango river, aan de overkant zien we Angola. De rivier is laag, het heerst al zes jaar een grote droogte, maar toch kunnen koeien hier water drinken, spelen kinderen in het water en hebben mensen een groentetuin pal naast het water. Krokodillen liggen op de loer maar daar lijkt niemand zich iets van aan te trekken.

De volgende dag gaan we een stukje de Caprivi strook in. Door de vroegere kolonisatie van Afrika is de kaart van dit prachtige continent sowieso al vreemd. De Caprivi Strip slaat echter alles. Een klein rechthoekig stukje tussen Namibië, Angola, Botswana en Zambia en praktisch tegen Zimbabwe aan. De laatste eeuwen is dat dan ook een strategisch stuk land geweest en in handen geweest van de Duitsers, Britten en Zuid-Afrikanen totdat het eindelijk bij een onafhankelijk Namibië hoorde. Doordat de naam Caprivi Strip nog van de Duitsers kwam is de strook tegenwoordig bekend onder de namen: Kavango West & East en de Zambezi Region.

We verblijven in een tent met een groot dek boven de rivier. We zien hippo’s (nijlpaarden) naar ons gluren en ottertjes spelen in het water. We maken een sunset cruise en met een glaasje wijn in ons hand zakken we een stukje de rivier af. De zonsondergang is prachtig en we horen de wilde dieren als we gaan slapen, blij dat we zo hoog liggen.

‘s Morgens maken we een gamedrive in Mahango National Park samen met Louis, de eigenaar van de lodge waar we verblijven. We zien heel veel olifanten, ook kleintjes. Maar ook giraffen, springbokken, bavianen en heel veel vogels. Er zitten luipaarden in dit park maar die hebben we helaas niet gezien, die waren weggejaagd door wilde honden, die zich overigens ook niet lieten zien. Op safari gaan is natuurlijk ook een kwestie van geluk, zelfs als reisagent kan ik niet van te voren regelen wat er op je pad komt, maar daar werk ik nog aan :-). We gaan ook nog even langs de Poppa watervallen maar door de eerder genoemde droogte zijn die niet zo interessant.

De meeste mensen gaan dieper de Caprivi strook in, bijvoorbeeld naar de Victoria watervallen of Botswana. Maar wij rijden terug via Rundu naar Grootfontein. Onderweg stoppen we bij Roy’s Restcamp, een hele leuke lodge met een zwembadje en een waterhole, waar we overigens geen dieren hebben gezien.

DAMARALAND

We steken Namibië dwars door en rijden 550 kilometer naar onze volgende stop. Wel alleen gravelwegen dus de autobanden zetten we op 1.8 bar en we blijven ons verbazen over het prachtige landschap. Ik heb nooit geweten dat er zoveel verschillende soorten woestijnlandschappen zijn en ik vind ze allemaal fascinerend. Eén van de hoogtepunten van deze reis was het verblijf in de Grootberglodge bij Palmwag. We verbleven hier in een huisje op het plateau met een fantastisch uitzicht. We hebben hier vandaan een woestijnolifanten tracking gedaan, een groot avontuur. We reden dwars door de bush en hebben drie kuddes kunnen spotten. ‘s Avonds heerlijk gegeten en geluisterd en gekeken naar de schoolkinderen die voor ons kwamen zingen. De lodge wordt gerund door de plaatselijke bevolking en dat doen ze heel goed en met heel veel plezier. Er worden trouwens ook wel eens leeuwen gesignaleerd op het plateau dus je mag niet ‘s avonds in je eentje teruglopen. 

SWAKOPMUND

Weer een prachtige rit voor de boeg met onderweg veel giraffen, wrattenzwijnen en springbokken. We gaan op weg naar Swakopmund aan de kust en we hebben besloten de kustweg te nemen die bekend staat als de Skeleton Coast. Zodra we in de buurt van de zee komen zien we een dikke zeedamp en de temperatuur daalt in sneltreinvaart.

De kust voor Namibië stond onder Portugese zeelieden bekend als levensgevaarlijk, met plotselinge mistbanken, heftige branding en onberekenbare stromingen. Ofwel, de toegangspoort tot de hel. Veel schepen zijn hier in de loop van de eeuwen vergaan en zelfs de zeelieden die levend het vasteland wisten te bereiken hadden in de uitgestrekte woestijn geen schijn van kans. Er liggen nog roestige scheepswrakken op het strand, vandaar de naam Skeleton Coast. De weg (zoutweg) is eindeloos, ruig en je hebt er geen bereik. Bovendien komen we weer niemand tegen dus liever geen pech krijgen hier.

Halverwege ligt het Cape Cross Seal Reserve, een reservaat met de grootste zeehondenkolonie ter wereld. Hier leven zo’n 150.000 tot 210.000 zeehonden en het is vanzelfsprekend de beste plek om de beestjes te spotten. Ze maken een oorverdovend geluid en de geur van rotte vis is verschrikkelijk, maar het blijft een prachtig gezicht. We spotten ook een jakhals die op zoek is naar jonge zeehondjes, gelukkig niet gezien dat hij er een te grazen nam.

Swakopmund zelf is een gemoedelijk plaatsje met veel Duitse invloeden, het wordt ook wel de activiteitenstad van Namibië genoemd. Sportievelingen kunnen hier hun hart ophalen in de duinen net achter de stad. Je kunt hier o.a. zandsurfen, quadbiken en paragliden. Verder is er een ruig strand, heerlijke restaurants (de Tug, echt een aanrader) en ook een bezoek aan het nabijgelegen Walvisbaai vonden we de moeite waard. Je kunt hier leuke boottochtjes maken of kayakken tussen de zeehonden maar daar hadden we er al genoeg van gezien, en geroken. Dus zijn we vogels gaan spotten en die waren er genoeg want Walvisbaai is beroemd om zijn grote populatie vogels. De lagune aan de zuidkant van de stad is bijzonder in trek bij pelikanen, flamingo’s en tientallen andere soorten. Naar schatting maken tienduizenden vogels per jaar gebruik van de baai.

SOLITAIRE

We verlaten de kust en rijden de woestijn weer in, het landschap is weer anders maar weer prachtig, we blijven ons verbazen. We rijden door de woestijn en een bergpas en zien honderden kilometers lang alleen maar zandvlakten, rotsen en desolate vergezichten. Prachtig! De gravelweg is stoffig en hobbelig en we ontdekken al gauw dat als je net iets harder rijdt het hobbelen minder wordt. 

Op de route passeren we ook de “Tropic of Capricorn”, niets bijzonders te zien dan een bordje dat het daar is, maar dit is de breedtegraad waar de zon in december (sterrenbeeld steenbok) precies recht boven langskomt. We hebben toch maar even een fotootje gemaakt.

Solitaire is het meest bekende gehucht van de Namib-Naukluft woestijn. Ooit was het plaatsje deel van een Toyota-advertentiecampagne en daarna thema en titel van het boek ‘Solitaire’. Door de Nederlandse schrijver Ton van der Lee is het gehucht internationaal bekend geworden. De schrijver zocht eenzaamheid en vergetelheid in de Namib-woestijn, bivakkeerde er een jaar lang tussen het niets maar besloot toch om er een restaurant te beginnen.. Zijn Hollandse appeltaart is er legendarisch geworden en is nog altijd te koop nu de schrijver zelf vertrokken is. Hij vond Solitaire te druk. Na hem werd de appeltaart gebakken door Moose, de officieuze ‘burgemeester’ van Solitaire. Moose – zijn echte naam was Percy Cross – is overleden in januari 2014.

Solitaire is best toeristisch en heeft een benzinepomp met restaurant en winkel. Wij verbleven in een lodge vlakbij maar 1 nacht is meer dan voldoende.

SOSSUSVLEI

De Sossusvlei is misschien wel de bekendste attractie in Namibië. De naam verwijst naar een witte kleipan die wordt omringd door prachtige rode zandduinen in de Namib woestijn. De Sossusvlei is de toeristische naam voor de woestijn, omdat dit gebied het meest populair is. In de directe omgeving is meer te zien dan alleen de Sossusvlei. Je vindt er ook de Hiddenvlei en de Deadvlei. Daarnaast zijn er enorme duinen, waarvan Dune 45 en Big Daddy het bekendst zijn. Ook de Sesriem canyon is onderdeel van dit gebied. Dit alles bij elkaar maakt de Sossusvlei tot een must see in Namibië. Wij vonden het absoluut één van de hoogtepunten van onze trip door Namibië. We hadden wel pech want juist tijdens ons bezoek aan de Deadvlei was het bewolkt. Maar dat betekende ook dat het makkelijker was om een zandduin te beklimmen want om dat te moeten doen in de volle zon lijkt me geen pretje.

We verbleven in een prachtige lodge op zo’n 40 kilometer van Sossusvlei; Hoodia Desert Camp. Het lag verlaten in weer een andere soort woestijn en we zijn daar op en top verwend. Prachtige omgeving zoals gezegd maar ook heerlijk eten, erg vriendelijk personeel en prachtige sundowners. Bovendien een spectaculaire sterrenhemel.

KALAHARI WOESTIJN

Last but not least vertrokken we naar de Kalahari woestijn. Dit is overigens een halfwoestijn want er valt te veel neerslag. Het heeft naast zanderige delen ook savannes en steppes. Het is van oorsprong het land van de San, ook wel Bosjesmannen genoemd. Ook de lodge waar we nu verblijven is prachtig. Het ligt midden in het rode zand, heeft een zwembad en vanaf ons terras zien we een waterplaats waar zebra’s, springbokken en struisvogels elkaar afwisselen. Het is heel verleidelijk om op je blote voeten door het mulle zand naar het zwembad te lopen, maar ik stapte bijna op een schorpioen, dus daarna toch maar schoenen aangedaan. We maken een gamedrive en zien de stokstaartjes (meerkatten) die vooral hier voorkomen. Ook een oude leeuw die haar dagen mag slijten in een afgesloten gebied, giraffen en oryxen en een aantal grote vogels die Kori bustards heten. Ook veel vogelnesten in acaciabomen, zogenaamde ‘Kalahari hotels’.

Onze laatste dag is aangebroken en we rijden terug naar Windhoek. We nemen niet de snelste weg maar wel de mooiste. Onderweg zien we nog veel wild, giraffen, kudu’s, wartoks en bavianen.

Met pijn in ons hart maar met een bak vol onuitwisbare herinneringen nemen we afscheid van een land met een onwaarschijnlijk mooie natuur. Je kunt het bijna niet uitleggen, je moet het echt zelf ervaren.

Wil jij ook Namibië ontdekken? Vraag een vrijblijvend reisvoorstel aan of maak een afspraak. Ik kom graag bij je langs om de mogelijkheden te bespreken.

Hartelijke groet,

Lenneke

Foto credits: de meeste foto’s zijn gemaakt door mijn vriend Jan Kruijdenberg van @jankruijdenbergfotografie die mee op reis mocht, en niet alleen omdat hij zo mooi kan fotograferen.


De voorgestelde reizen op mijn website zijn vooral bedoeld als suggesties en zijn slechts een kleine greep uit de vele mogelijkheden. Laat je inspireren, bepaal je wensen en laat een reisvoorstel op maat maken. Ook als je weet wat je wilt; ik blijf met je meedenken om de perfecte reis samen te stellen.

button reisvoorstelBUTTON VRAAG STELLENBUTTON NAAR HOMEPAGE